In je dromen ga jij (Luitingh Sijthoff, februari 2019)

Mijn tweede roman ‘In je dromen ga jij’ verhaalt over drie generaties Marokkaanse vrouwen, Safia, Mariam en Aya, waarvan grootmoeder Safia een geheim met zich meedraagt. Een geheim, dat eenmaal uitgesproken, drukt op de levens van haar dochter en kleindochter. Kunnen deze vrouwen hardnekkige gevoelens als eer en schaamte overstijgen om ruimte te geven aan zichzelf en de generaties na hen? En hoever durven ze daarin te gaan.

Tot waar we kijken kunnen (Ambo|Anthos, 2015)

Hoofdpersoon Janne staat op de rand van een burn-out en realiseert zich dat het tijd wordt om voor zichzelf te kiezen en zich los te maken van haar moeder. Dan blijkt dat haar moeder ongeneeslijk ziek is en spoedig zal overlijden. Samen gaan ze op zoek naar een nieuw evenwicht in hun relatie.

Lees verder

Korte verhalen

Laatste dans

Gebiologeerd bekeek ik het schilderij. We waren in het Rijksmuseum, een opdracht van Elske. ‘Kom hier eens kijken,’ zei ik. Samen stonden we voor het inmense doek. ‘Die man, dat ben jij.’ Ik wees en nam je gezicht op, van opzij terwijl jij mijn vinger volgde. Bij je oog en mondhoek zaten nieuwe lijnen. Ik wilde de fronsrimpel boven je rechte neus wegstrijken.
Lees verder

Dorstig

Herman stopte de twee euromunt in de gleuf van de cola-automaat, drukte op de bovenste knop en wachtte. Er kwam niets. Hij drukte nog een keer, wachtte.
Lees verder

Zeesoldaat

‘Wat kan er nou met mij gebeuren?’ Ik span mijn spieren om mijn woorden kracht bij te zetten, maar ze vindt het niet grappig. Mijn vrouw vindt de laatste tijd nog maar weinig grappig. ‘Van alles John, ook met getrainde mensen zoals jij.’
Lees verder

Auteurs die ik bewonder

Anne Lamott. Zij is net als ik auteur en schrijfdocent en haar lesboek Bird by Bird vind ik erg goed. De belangrijkste les die ik daaruit haalde is: schrijf voor iemand. Ik geloof dat dit werkt omdat je dan nog meer met je hart schrijft.
Alice Munro. Ik vind haar korte verhalen in onder andere Te veel geluk zo goed. Toen ik die bundel las dacht ik ‘zo wil ik ook kunnen schrijven’. Waar zij in uitblinkt is wat ik noem ‘schampen’, ergens net langs gaan of iets net aanraken, vederlicht, zodat je als lezer je eigen interpretatie eraan kunt en wilt geven.
Emma Donoghue. Het boek Kamer van deze schrijfster blies mij omver. Het verhaal is geschreven vanuit het perspectief van een vijfjarig jongentje met een compleet eigen taal. Superknap hoe ze je meetrekt in zijn perspectief.
Inge Schilperoord. Van haar verscheen pas één boek en wat voor een: Muidhond. Ik vind het knap hoe het haar lukt om de lezer mee te laten leven met een ‘naar’ personage. Je wilt het eigenlijk niet en toch doe je het.
Haruki Murakami. Zijn mooiste boek vind ik Kafka on the beach en ik bewonder hem omdat hij geloofwaardig laat lijken wat ongeloofwaardig is, zoals een pratende kat.
Renate Dorrestein. Ik hou van haar ‘op het oog’ eenvoudige taal en de emotie die ze daarmee opwekt. Een hart van steen is mijn favoriete roman van haar en in Het geheim van de schrijver geeft zij waardevol advies.
Connie Palmen. Ik herken mezelf in haar personages, bewonder haar intelligentie en hoe ze je daar als lezer mee uitdaagt. De vriendschap heb ik meerdere keren herlezen.
Ayn Rand. Haar boek De eeuwige bron is een kunstwerk van protagonist versus antagonist.